Schat de selectiviteit van twee in serie geplaatste beveiligingstoestellen via de nominale-stroomverhouding (gG-vuistregel 1,6:1).
Vul de onderstaande velden in en klik op "Berekenen".
Selectiviteit betekent dat bij een fout alleen het dichtstbijzijnde (benedenstroomse) toestel uitschakelt, niet het bovenstroomse. Dit hangt af van de tijd-stroomkarakteristieken.
Als eerste schatting in het overbelastingsgebied gebruikt men de nominale-stroomverhouding: voor gG-smeltveiligheden is de vuistregel In(boven) / In(beneden) ≥ 1,6 : 1. Bij installatieautomaten is selectiviteit alleen gegarandeerd tot de fabrikant-selectiviteitsgrensstroom Is – bij kortsluiting zijn ze vaak niet selectief.
Opmerking: voor een bindende uitspraak – vooral bij kortsluiting – is de selectiviteitstabel van de fabrikant bepalend.