Kortsluitstroom berekenen: lusimpedantie en uitschakelvoorwaarde controleren

tutorials

De belangrijkste beveiligingsvraag van elke elektrische installatie: schakelt de automaat bij een fout snel genoeg uit? De Kortsluitstroom-calculator (lusimpedantie) beantwoordt die vraag op basis van de gemeten lusimpedantie.

De formule

Ik = c × U0 ÷ Zs – met spanningsfactor c = 0,95, netspanning U0 = 230 V en de gemeten lusimpedantie Zs. De berekende kortsluitstroom moet boven de aanspreekstroom Ia van het beveiligingstoestel liggen: 5 keer de nominale stroom bij een B-automaat, 10 keer bij type C, 20 keer bij type D.

Stap voor stap

  1. Lusimpedantie meten: met de installatietester op het verste stopcontact van de groep (Zs in Ω)
  2. Beveiliging kiezen: karakteristiek (B/C/D) en nominale stroom van de automaat, of een aardlekschakelaar
  3. Resultaat controleren: de calculator toont Ik, de vereiste Ia en of aan de uitschakelvoorwaarde is voldaan

Rekenvoorbeeld

Gemeten: Zs = 0,45 Ω op een B16-automaat. Ik = 0,95 × 230 ÷ 0,45 = 486 A. Vereist: 5 × 16 = 80 A – ruimschoots voldaan. Kritisch wordt deze automaat pas boven ongeveer Zs > 2,73 Ω.

Praktijktips

Lange leidingwegen en onderverdelers drijven Zs op – meet bij grote installaties altijd op het ongunstigste punt. Voldoet een C-automaat niet, dan helpt vaak overstappen op karakteristiek B of een aardlekschakelaar als foutbeveiliging. Dit alles vervangt niet de normconforme keuring door een erkend installateur.